Wijzigingen belastingaangifte 2019 What´s new?

Contact

Koophuis 

Eigenwoningforfait  

Het eigenwoningforfait is voor woningen 0,05%-punt gedaald. Er moet 0,65% van de WOZ-waarde boven op je inkomen geteld worden.  Daar betaal je belasting over. In 2018 was dat nog 0,7%. 

Voorbeeld: 

  • Vanaf een woning van €400.000 wordt er €200 minder bij je inkomen opgeteld t.o.v. vorig jaar. 
  • Jouw inkomen tussen €35.000 en €68.500? Dan betaal je €76 minder belasting. 
  • Als je WOZ-waarde is gestegen, dan ga je er minder op vooruit.
  • Deze tariefverlaging geldt als de WOZ-waarde van je huis niet meer is dan €1.080.000.

Renteaftrek bij hoog inkomen en middeninkomen

Heb je een eigen woning en een inkomen vanaf €68.500? Dan krijg je in de aangifte 2019 49% van de aftrekbare kosten terug. In 2018 was dat nog 49,5%. 

Heb je een inkomen dat ongeveer tussen de €35.000 en €68.500 ligt? Of ben je AOW-gerechtigd met een inkomen van ongeveer €20.000 tot €68.500? Dan daalt je hypotheekrenteaftrek in 2019 met 2,75% van de betaalde aftrekbare rente. 

Voorbeeld: als je maandelijks €800 rente betaalt, dan betaalt de fiscus in 2019 €264 minder mee aan je hypotheek. 

De andere aftrekbare kosten voor de eigen woning verminderen bij hoog- en middeninkomenop dezelfde manier. Zoals de kosten van de hypotheekadviseur en erfpachtcanon.  

Geen of kleine schuld  

Huiseigenaren met een hypotheekvrije woning of een huis met een kleine schuld (die onder de Wet Hilen-regeling valt) gaan erop achteruit Dat komt omdat de Wet Hillen wordt afgebouwd sinds 1 januari 2019. Omdat de afbouw in 30 ‘gelijke’ jaarlijkse stapjes gaat, is het een achteruitgang van een paar tientjes per jaar. 

  • Heb je een inkomen tot €68.500? Of een inkomen daarboven en een hypotheekvrij huis? Dan betaal je vanaf 2019 per saldo een beetje belasting voor de eigen woning. 
  • Heb je een inkomen boven de €68.500 en een kleine (Wet Hillen) hypotheek? Dan betaalde je al een paar jaar belasting voor de eigen woning. Dat komt door de geleidelijke beperking van de hypotheekrenteaftrek voor de hoogste inkomens. 
    In de aangifte over 2019 gaat het om 2,75% van de betaalde rente. In 2018 ging het om 2,45%.   

Let op, dit komt nog bovenop de belasting door afbouw van de Wet Hillen. 

Spaargeld, beleggingen en tweede huis 

Vermogen tot €102.010 per persoon 

De belasting over je vermogen neemt in 2019 af voor mensen met een vermogen tot €102.010 per persoon.  

  • Het heffingsvrij vermogen neemt toe met €360 per persoon (tot €30.360). 
  • Over de €71.650 aan spaargeld en/of beleggingen boven het  fingsvrije vermogen betaal je ongeveer 0,58% belasting. In 2018 was dat 0,61%. 

Dit levert stellen met €200.000 vermogen een besparing van grofweg €40 op. 

Vermogen boven de €102.010 per persoon  

Vermogen boven de €102.010 wordt in 2019 zwaarder belast. 

De zwaardere belasting geldt alleen over elke euro boven de €102.010. Voor de eerste €102.010 daalt de belasting. Ook als je in totaal meer hebt dan dat bedrag. 

  • Bij een vermogen tot ongeveer €175.000 (per persoon) neemt de belasting in 2019 af. 
  • Bij een hoger vermogen, neemt de belasting toe.  

Voorbeeld: een alleenstaande met een vermogen van €500.000, betaalt in 2019 ongeveer €115 meer belasting dan in 2018. 

Wijzigingen belastingtarieven en –kortingen in 2019 

Belangrijkste wijziging belastingtarief  

Het belastingtarief over inkomen tussen €20.000 en €68.500 neemt af met 2,75%.  

  • Bij een inkomen van €40.000 ga je er ongeveer €500 op vooruit in 2019. 
  • Bij een inkomen vanaf €68.500 ga je er ongeveer €1300 op vooruit in 2019. 

Belangrijkste wijzigingen heffingskortingen  

  • Iedereen die in 2018 al algemene heffingskorting kreeg, krijgt in 2019 meer. Dat scheelt maximaal €212 onder en €111 vanaf de AOW-leeftijd. 
  • De arbeidskorting stijgt voor iedereen met een inkomen tussen €21.000 en €36.000 met ongeveer €150 (onder de AOW-leeftijd). 
  • Bij een inkomen van €42.000 tot €123.000 raak je (een deel van) je arbeidskorting kwijt. 
  • De ouderenkorting stijgt voor iedereen met een inkomen tot ruim €46.000.  
  • Bij een inkomen vanaf €47.500 raak je deze korting kwijt. Dat levert een achteruitgang op van €72.

 

Heffingskorting voor werkende ouders

Werkende ouders met 1 of meer kinderen onder de 12, krijgen vaak een forse heffingskorting via de belastingaangifte. Meestal zonder dat ze het door hebben. Het gaat om de ‘inkomensafhankelijke combinatiekorting’.  

Deze korting is er om de combinatie werken en zorgen te stimuleren. Bij werkende stellen krijgt alleen degene met het laagste inkomen de korting.
Deze heffing wordt niet verrekend via de loonbelasting. 

  • Bij een inkomen van €5000 tot €24.000 daalt de inkomensafhankelijke combinatiekorting in 2019. In uitzonderingsgevallen zelfs met meer dan €1000. 
  • Bij een inkomen vanaf €25.000 stijgt de inkomensafhankelijke combinatiekorting in 2019 (met minstens €34 en maximaal €240). 

Overige wijzigingen 

Aftrektarief  
Het aftrektarief voor bijvoorbeeld giften, zorgkosten, scholingsaftrek, lijfrente en betaalde partneralimentatie is tot en met 2019 gelijk aan het belastingtarief. Hetzelfde geldt voor aftrekposten voor ondernemers, zoals de zelfstandigen-, starters- en meewerkaftrek.  

Heb je een inkomen tussen de €35.000 en €68.500? Of ben je AOW-gerechtigd met een inkomen van €20.000 tot €68.500? Dan daalt je belastingtarief in 2019 met 2,75%. Je krijgt over het jaar 2019 ook 2,75% minder terug van aftrekposten. 

Aftrek voor onderhoud monumenten 

De aftrekpost voor monumentale panden is op 1 januari 2019 vervallen en vervangen door een subsidieregeling. Dat is de instandhoudingssubsidie woonhuis-rijksmonumenten. 

Leaseauto  

Begin 2019 is de bijtelling omhoog gegaan voor nieuwe elektrische leaseauto’s met een waarde vanaf €50.000. Het tarief is 4% gebleven over de waarde tot €50.000. Maar over het meerdere betaal je 22% bijtelling. 

Had je al zo’n auto in 2018? Dan houd je een bijtelling van 4% van de cataloguswaarde tot 5 jaar na ingebruikname van de auto. 

Vrijwilligersvergoeding  

Vrijwilligers mogen onder voorwaarden belastingvrij een vergoeding voor vrijwilligerswerk ontvangen. Het maximumbedrag daarvoor is verhoogd met €200 naar €1700 per jaar. 

De vergoeding per maand mag niet hoger zijn dan €170. Als je meer krijgt, verlies je de vrijstelling.